Leesvermaak 28 – Bonje met de buurman


Columnist Marcel van Stigt schrijft wekelijks een column voor www.purmerendleeft.nlDe Purmerender die in mei één dag mijn buurman was, zal blij zijn dat hij me nooit meer zal zien. Misschien denkt hij even aan mij terug als het straks Burendag is. Het zal niet met een warm gevoel zijn.

De man in kwestie is de buurman van een bevriend gezin. Het gezin ging een dagje uit en ik was gevraagd om op te passen, want anders werd de hond des huizes een beetje treurig. Geen probleem.

Voor de gezelligheid had ik mijn kinderen meegenomen. De zon scheen en we liepen de achtertuin in. Ik pakte een tennisbal van het gras en stelde voor hem over te gooien. Ja, soms komen bij mij de wildste ideeën op. Al snel belandde de bal met een ruime boog in de brede, dichtbegroeide haag tussen ‘onze’ tuin en die van de buren.

De bal was moeilijk te lokaliseren. Ik tastte door het groen en maakte af en toe een gaatje vrij in de hoop dat ik de bal zou ontdekken. Een schrille kreet vanuit de andere kant haalde me uit mijn concentratie. ‘Papa, er gluurt iemand naar me!’ Ik keek op en zag een tienermeisje staan, met de schrik in haar ogen en een badhanddoek voor haar lichaam. Ze lag daar kennelijk te zonnen en was zich te pletter geschrokken toen ze ineens een voor haar vreemd hoofd ontwaarde.

‘Zeg, wat moet dat!?’ klonk het buiten mijn gezichtsveld. Een grote vent kwam aanlopen en keek me woedend aan. ‘Hallo, buurman,’ riep ik monter, ‘Ik, eh, zoek een tennisbal.’ De man keek me geringschattend aan, bukte zich om iets te pakken en toonde me de tennisbal. Hij gooide hem naar onze kant en liep zonder een woord te zeggen uit beeld.
Het leek me verstandig de tennisbal te laten rusten en iets anders te doen. ‘Zullen we dan voetballen?’ stelde mijn zoon voor. Een goede suggestie. Een voetbal zou niet bij de buren terecht kunnen komen. Dacht ik. Het gebeurde wel. En er werd schade aangericht. Ik hoorde eerst gerinkel van glas, toen een gil – het meisje – en toen een hartgrondig Gódverdómme!’

Het leek me wijs om even naar de buren te lopen. De buurman stond met de handen in de zij naast een omgevallen tafeltje. Op de tegels lagen de resten van een fles wijn en een kapot glas. Rood vocht liep via een richel naar een putje. Daarnaast lag onze voetbal.
Zwijgend en vernietigend keek de man me aan. Ik wilde nog zeggen dat scherven geluk brengen, maar dat slikte ik op tijd in. ‘Ik haal voor u een nieuwe fles wijn,’ bood ik aan.
De buurman zei niets, draaide zich om en beende van me weg. Ik pakte de bal en wilde hem over de haag naar onze tuin te schieten. Ik nam hem op mijn slof, maar deed dat te onbesuisd. De bal raakte de buurman hard op zijn achterhoofd en hij ging gestrekt.

Het is tussen ons niet meer goed gekomen.


Logo tekstburo prettig leesbaar marcel van stigtMarcel van Stigt (1961) is journalist en (tekst)schrijver. Hij schrijft levensverhalen voor particulieren (Zie http://www.marcelvanstigt.nl/) en webteksten voor ondernemers (zie http://www.prettigleesbaar.nl/). Het menselijke verhaal staat bij hem centraal.